Tijdschrift van het Aardrijkskundig Genootschap, 1930, 01-01-1930

  • Kopieer en plak deze bronvermelding in je document

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ongelooflijke moeilijkheden overvielen den tochtgenooten, zoodat zij op 86° 14' aangekomen, besloten terug te keeren.

Voedselgebrek en hevige koude werden hun niet gespaard en bovendien bleken de kaarten waarop zij liepen fout te zijn. Na 150 dagen zagen zij nog niets van Frans Jozefland. Petermannland bestond niet en op een, door hen gevonden eilandje overwinterden zij en begaven zich daarna den igden Mei 1896 weer op weg.

Een maand later ontmoetten zij gelukkigerwijze Jackson, die bezig was Frans Jozefland te exploreeren. Den 13 den Augustus kwamen zij te Vardö aan en een week later viel de „Fram" te Skjarvo binnen.

Na zijn terugkomst publiceerde Nansen verscheidene werken over zijn reizen en in 1897 werd hij hoogleeraar in de Zoölogie aan de Universiteit te Oslo.

In 1900 leidde hij een Noorsche diepzee-expeditie voor het onderzoek van de zeeën tusschen Noorwegen en Groenland.

Gedurende eenigen tijd trad Nansen op als diplomaat en wel als gezant te Londen van het zelfstandige Koninkrijk Noorwegen, gesticht na verbreking van de persoonlijke Unie met Zweden in 1905. Spoedig verliet hij de politiek en werd wederom hoogleeraar, nu in de oceanografie.

In 1912 maakte hij zijn laatste reis naar het Noorden en bezocht Spitsbergen en het Beren-eiland.

De wereldoorlog en de gevolgen van die catastrofe maakten diepen indruk op Fridtjof Nansen en in dit tijdschrift dient toch wel gememoreerd te worden het zoo zegenrijke werk van het Nansen-Comité, de steunverleening aan de duizenden vaderlandsloozen..

Hiervoor werd Nansen in 1922 den Nobelprijs voor den Vrede toegekend.

In de laatste jaren was er steeds weer sprake van een nieuwen pooltocht van Nansen en wel met Dr. Eckener en Sverdrup per „Zeppelin." In 1929 ging Nansen zelf naar Noord-Amerika om toebereidselen tot dezen tocht te maken. Helaas heeft hij deze expeditie niet meer mogen beleven.

Dr C. Easton beoordeelde Nansen als volgt:

„Fridtjof Nansen, geestelijk en lichamelijk de meest evenwichtige van allen, de verstandigste en wetenschappelijk best onderlegde, de veelzijdigste, de meest nauwgezette, de meest beheerschte, de grootste in één woord in die schitterende rij van groote reizigers."

Nansen heeft zich weten te beperken. Na zijn 35ste jaar heeft hij geen nieuwen grooten tocht meer ondernomen en hij is onder alle groote poolreizigers de eenige die, nog jong, een nieuwe loopbaan heeft ingeslagen en zich heeft onderscheiden op ander gebied.

Zeer velen zijn hem dank verschuldigd, niet alleen voor de resultaten van zijn wetenschappelijken arbeid maar nog oneindig veel meer voor zijn groot menschlievend werk.

Ziin naam zal in diepen eerbied worden herdacht.

Voute