Algemeen Handelsblad

  • Kopieer en plak deze bronvermelding in je document

Er is helaas een probleem met het ophalen van de afbeelding.

Dit kan twee oorzaken hebben:

  • De publicatie is nog niet beschikbaar in Delpher, maar zal dat binnenkort wel zijn.

  • Er is een tijdelijke storing met het laden van de afbeelding.

  • Probeer het later opnieuw.

    Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

    Betonvloer in toren te Geleen stortte in Acht arbeiders gedood, drie zwaar gewond Van een hoogte van 36 meter gevallen

    (Van onze correspondent) Geleen, 31 December OP de terreinen van het stikstofbindingsbedrijf te Geleen is gistermiddag om half twee in een granuleertoren een betonnen vloer op een hoogte van 34 meter ingestort, waarbij acht personen om het leven zijn gekomen en drie zwaar werden gewond. Zeven personen werden bij de instorting op slag gedood. De achtste overleed na aankomst in het ziekenhuis te Sittard. Hier zijn ook de drie zwaargewonden opgenomen. |

    Op het zuidelijk gedeelte van het stikstofbindingsbedrijf, op het grond gebied van de gemeente Stein, is de Bredase Aanneming- en Beton Mij bezig met de bouw van een granuleertoren voor de nieuwe ureumfabriek. De toren was op de koepel, een zg. PriU-toren, en een betonvloer na gereed. De hoogte van de toren bedraagt 36 meter. Elf arbeiders waren Vrijdagmiddag bezig met het aanbrengen van de betonvloer, enige meters onder de rand van de toren, die een diameter van 12 meter heeft. Men was reeds zover met de werkzaamheden gevorderd dat men om drie uur met de betonvloer gereed hoopte te komen. Deze betonvloer, waarvoor 80 ton cment nodig was, was voor twee/derde gereed. Er was reeds ongeveer 52 ton cement verwerkt. Onmiddellijk na het beëindigen van deze werkzaamheden zouden de arbeiders het werk staken en naar huis gaan.

    OM half twee is de betonvloer door tot nog toe onbekende oorzaak plotseling ingestort. De 52 ton beton raakte los en drukte zich met geweld door de houten bekistingen en steigers waarop de vloer rustte en viel 33 meter de diepte in „de elf arbeiders met zich mee sleurend. Met een doffe slag kwam de harde en nog natte beton, versplinterd hout en verbogen ijzeren vlechtwerk op de vloer van de toren terecht. Aan de voet van de toren was bet een ontzettende ravage.

    De toegang tot de toren bleek niet versperd te zijn, maar het reddingswerk was niet zonder gevaar. Er vielen steeds nog brokken beton, hout en ijzer naar beneden. Onmiddellijk schoot van alle kanten hulp toe, toen men de ramp gewaar werd. Arbeiders, bulten de toren werkzaam, vertelden een zoevend geluid te hebben gehoord toen de instorting gebeurde. Reddingsploegen van de Staatsmijn Maurits en personeel van de aannemlngsmaatsehappU onder leiding van hoofduitvoerder Van der Geerts en uitvoerder Heffels waagden zich naar binnen, zich moeizaam een weg door de

    ravage'brekend, op zoek naar <le arbeiders. Het reddingswerk moest met de grootste omzichtigheid gebeuren. I>e redders droegen de leren mjjnpetten, die b\j de ondergrondse mijnarbeid gebruikt worden. Om 4 uur hadden de reddingsploegen de elf arbeiders uit de ravage te voorschijn gebracht. Bij zeven van hen waren de levensgeesten reeds geweken. Zij waren deerlijk verminkt en moeten op slag dood zijn geweest. Vier anderen waren nog in leven en werden met ambulancewagens van de staatsmijn Maurits naar het ziekenhuis De Goddelijke Voorzienigheid te Sittard overgebracht. Een van hen is na aankomst daar overleden. Onderzoek ingesteld Doktoren van de staatsmijn Maurits verleenden de eerste hulp; er waren ook geestelijken ter plaatse. Arbeiders van de ochtendschicht van staatsmijn Maurits, die om 2 uur naar boven kwamen, hebben van het ongeluk niets gemerkt. De politie van de staatsmijn Maurits had voor een soliede afsluiting van de toegangen naar het terrein van de ramp gezorgd. Op het terrein van de ramp waren rSJkÏÏ'S'EÏÏMS mr C. H. Nuis, prof. dr ir J. S. A. J. M. van Aken, directeur van de Staatsmijnen en ir P. de Haart, inspecteurgeneraal van de Mijnen. Niet zonder moeite werden de lijken van de slachtoffers, op een na allen gehuwd, door de mgnpolitie van staatsmijn Maurits, geïdentificeerd. Deze mflnpolitie, die ook met het onderzoek >.aar de oorzaak van deze vreselijke ramp is belast, heeft tekeningen en bescheiden van het bouwwerk in beslag genomen. Als tragische bijzonderheid kan verteld worden, dat een van de broeders van de slachtoffers aan het reddingswerk deelnam. Het ongeluk heeft niet nagelaten in Zuid-Limburg grote indruk te maken. Van Luxemburg uit heeft de K.S.G. bij de Voorlichtingsdienst van de Staatsmgnen doen informeren wat er in Geleen was gebeurd. In Luxemburg deden nl. geruchten de ronde dat er een zware mijnramp was gebeurd. In dat opzicht

    I kon men (le K.S.G.-autoriteiten gerust| stellen. Over het ongeluk zelf verstrekte de I Voorlichtingsdienst van de Staatsmijnen | een zeer kort communiqué. Om het leven zijn gekomen: de 37-jarige, gehuwde, G. Mohren uit ISchalbruch; de 52-jaiige, gehuwde, G. Janssens uit Breda; de 40-jarige, gehuwde, J7 H. Speetjens uit Hulsberg; de 55-jarige, gehuwde, J. Frijters uit :C|!een (deze overleed in het ziekenhuis te Sittard); de 40-jarige, gehuwde, N. J. Bouman uit Sittard; de 35-jarige, ge| huwde, Th. J. Arts uit Maastricht; de 43 -jarige, gehuwde, H. Penders uit Geulle en de 28-jarige, gehuwde, P. M. Slangen uit Sittard. Gewond zijn de 23-jarige, ongehuwde, M. Maas uit Kërkdriel, de 30-jarige, gehuwde, A. A. Blommaerts uit Sustei en en de 31-jarige, gehuwde, H. de la Couture uit Spaubeek.

    BETONSPECIE, STUKKEN HOUT EN IJZER onder in (le granuleertoren vertellen van de rampzalige \ instorting.