Ondertussen, al hebben de mensen, zolang er op aarde gedroomd is, de dromen voor bedrog aangezien, tóch beschouwden ze die tegelijkertijd vaak als boodschappen, die door hogere machten aan de mensen werden gezonden. Men denke eens aan de dromen van Jozef, van den bakker en den schenker aan het hof van den Egyp. tischen koning, aan de dromen van den verheven Pharao zelf. Leest U er Genesis 37, 40 en 41 eens op na. En dan de droom van dien anderen Jozef, die hierin het bevel ontving, met het bedreigde kind Jezus naar Egypte te vluchten. Trouwens ook buiten de gewijde literatuur vindt men voorbeelden van zulke dromen in overvloed.
riep” om te gaan stelen. De vorst, die nu niet dadelijk zat te springen op een salarisverhoging, en die voortdurend bewezen had, een gezworen vijand van de roofridders te zijn, vroeg zich dan ook terecht af: „Ist alfsgedroch, dat mi quelt?” is het een bedrog van boze geesten, dat mij het hoofd op hol brengt: want ook de plaaggeesten schenen er een handje van te hebben, de mensen met dromen lastig te vallen. Men vindt trouwens de voorspellende en waarschuwende dromen door de gehele profane literatuur. En... in het moderne volksbijgeloof is de droom als zodanig
in ere gebleven. Kon men niet voor enige tientallen jaren in iedere boekwinkel Egyptische en Arabische droomboeken kopen: goedkope en zeer geliefde lectuur voor oude dames en keukenprinsessen met verliefde harten ? Wie van paarlen droomt, zal tranen storten wie van reizen droomt, zal spoedig een dode te betreuren hebben wie van mest droomt, zal geld ontvangen.
Wie in onze vaderlandse letteren enigszins thuis is, zal zich allicht de geschiedenis herinneren van Karei ende Elegast, die kleine, kostelijke ridderroman, waarin men kan lezen, dat Karei de Grote te Engelheim aan de Rijn lag te slapen, en dat „een heilich inghel an hem
De moderne wetenschap en de droom
Zo was de droom een nachtelijk bedrog, maar evenzeer een boodschap uit verre regionen, de grootste onzin en de diepste wijsheid. Totdat de wetenschap haar oog op deze materie liet vallen. Ze liet zich niet leiden door allerlei vooroordelen, maar verzamelde materiaal, bestudeerde het doodnuchter, trachtte te groeperen, regelmatigheden en wetmatigheden te vin-
den, het in verband te brengen met meer bekende verschijnselen. In het kort: het was de wetenschap begonnen om een zakelijk wéten. Enfin, daar is ze dan ook wetenschap voor.
Hoezeer ons kleine leven is samengeweven met de gehele kosmische huishouding (dit aan het adres van ras-individualisten) blijkt o.m. uit het feit, dat
Dromen inde literatuur