phientje vrijen, ’t is te laat hoor, ze het zich nèt met meneer Berger geëngageerd,” trachtte hij te glimlachen en zei: „all right, Frans.” Maar hij had veel stille vreugde over zijn overwinning. Zijn verloofde vond niet meer dat hij zich te veel op den achtergrond hield.
„Waarom heb je dat gedaan?” vroeg Carla haar vriend, met wien ze in de restauratiezaal haar middagthee gedronken had. „Waarom op die manier? Jacob zegt dat je je positie hier er mee in gevaar hebt gebracht. Wat moet er van ons worden?” voegde ze er zacht aan toe.
„Waarom Carla? Mijn God, uit eerbied voor de vrouw! ’t Is moeilijk te begrijpen. Maar toen ik hem Zaterdag in den tuin tegenkwam, dien plagiator, naast zijn verloofde, steeg me de drift naar m’n hoofd. Wat! Zoon kerel mag ook al in de nabijheid van een vrouw leven, van haar vriendelijkheid, haar blik, haar armdruk genieten. Ik heb gezien hoe juffrouw Verriest hem haar gezicht toewendde, toen ze hem wat vroeg, en hoe ze tegen hem lachte. Dat komt hem niet toe. Daar drinkt een varken champagne. Zoo’n gevoel kwam er over me. En voor ik het wist, sprak ik hem aan en vroeg juffrouw Verriest om verontschuldiging dat ik haar even haar verloofde afnam. Ik moest hem twee woorden in vertrouwen zeggen. Een dienstkwestie. Ik duwde hem in t laantje dat naar de fazanterie gaat, en daar is het gebeurd. Ik heb van Eppen een oorvijg gegeven dat hij om zichzelf draaide. Nu is ’t voor mij ook afgeloopen.”
„Maar voor hem, voor ons begint het pas, zei Carla. „Wat zal er gebeuren? Als ze jou ontslaan, kan ik hier niet meer blijven, ik zou Jacob ongelukkig maken, hij zou merken dat voor mij alles in den tuin gestorven is.
„Wie spreekt er van weggaan?”
„Verriest eischt toch je ontslag, Lucien, tenzij je doctor van